Collega in de schijnwerpers: Wim Gort

Van huis uit is hij ingenieur elektrotechniek. Ruim zes jaar deed hij bij KPN aan productmanagement, strategische marketing en zette hij nieuwe diensten in de markt.  ‘Eigenlijk was ik alleen maar bezig met geld verdienen voor de baas,’ zegt Wim Gort, sinds anderhalf jaar directeur-bestuurder van Synthese. Werken in het sociale domein raakt hem in zijn hart. ‘Hier gaat het om inhoud. Limburgers moeten ervaren dat ons werk nuttig is.’

Synthese noemt zich een onderneming voor zorg en welzijn in Noord- en Midden-Limburg. ‘Wij bieden o.a. ondersteuning bij initiatieven in buurt, dorp of wijk, het vormgeven van een aangename leefomgeving, inzet voor elkaar en individuele vragen op het gebied van lijf en gevoel, vrienden en relaties, werk en geld, gezin en opvoeden. Onze missie: Synthese geeft het alledaagse leven ruimte.’ Dat lezen we in “Ruimte voor het alledaagse leven; Strategisch plan 2016-2019”. In de visie van Synthese biedt het alledaagse leven mensen ‘alle mogelijkheden om tot hun recht te komen en zich te ontwikkelen. Dat gebeurt in wisselwerking met hun omgeving. Gemeenschappen zijn onderdeel van de omgeving en worden sterker als iedereen mee kan doen. Dit gaat niet altijd vanzelf.’ Synthese heeft een aantal uitgangspunten geformuleerd opdat iedereen mee kan doen. Bijvoorbeeld: ‘Wij zetten ons in voor alle inwoners van alle leeftijden en achtergronden en zorgen dat buurten nieuwkomers welkom heten.’ En: ‘Wij dragen actief bij aan (meer) eigen verantwoordelijkheid, zelfredzaamheid, en inzet voor elkaar.’

Synthese werkt in de gemeenten Venray, Venlo, Beesel, Horst aan de Maas, Gennep, Bergen, Mook en Middelaar en Leudal. Hoe typeer je dit werkgebied? De mensen die er wonen?
‘In ons werkgebied wonen zo´n 300.000 mensen. De verwachting is dat de bevolking licht zal dalen door vergrijzing en ontgroening. In Limburg staat leefbaarheid hoog op de agenda. Veel dorpen en wijken ontdekken de kracht van samen doen, de zogenaamde graad van zelfsturende gemeenschappen is hoog. Het besef wat vergrijzing betekent voor dorpen en wijken is sterk aanwezig in Limburg. Er ontstaan steeds meer initiatieven waarbij burgers zelf aan het stuur staan. Het begon met fysieke projecten, inmiddels pakken burgers ook sociale uitdagingen op en het is aan de overheid en maatschappelijke organisaties om daarbij aan te sluiten. Interessant om te zien dat samenwerken op het gebied van leefbaarheid de weg heeft gebaand voor eigen kracht en samenkracht in het sociale domein. Veelbelovend, maar er liggen nogal wat uitdagingen bij inwoners. Limburgers zijn zeer sterk betrokken op de eigen identiteit.’

Welke rol vervult Synthese in al die gemeenten?
‘Wij werken niet alleen voor inwoners en gemeenten, maar ook voor woningcorporaties, zorgorganisaties, de provincie, stichtingen en maatschappelijke organisaties. Als een spin in het web vervult Synthese een verbindende rol voor duurzame samenwerking en vernieuwing. Daarnaast werken we in de hele provincie voor de Vereniging Kleine Kernen Limburg en voor Spirato. Dan gaat het om gemeenschapsvorming, accommodatiebeheer en accommodatiebeleid. Voor alles wat dorpen en wijken zelf op willen pakken en waar ze hulp bij nodig hebben, kunnen ze bij ons terecht.  Niet alleen alle dorpen zijn lid van de VKKL, maar ook wijken van steden als Venlo. Spirato is het steunpunt voor gemeenschapsaccommodaties in Limburg. Limburg telt bijna 300 gemeenschapshuizen. Jong en oud kent het begrip “gemeenschapshuis”.’

Hoeveel werknemers en vrijwilligers hebben jullie?
‘We hebben 81 medewerkers en tussen de 200 en 250 vrijwilligers. Vanuit de missie dat Synthese het alledaagse leven ruimte geeft, stimuleren we  de inzet van bewoners voor elkaar. Daardoor vervaagt het onderscheid tussen vrijwilligers en actieve burgers. Buurtbemiddelaars, opvoedingsondersteuners en mensen die anderen helpen hun administratie op orde te krijgen, zijn getrainde vrijwilligers die gewoonlijk in andere gemeenschappen actief zijn dan in het dorp of de wijk waar zij zelf wonen. Andere zaken zoals ouderen bezoeken of mantelzorgondersteuning bieden, dat kunnen burgers onderling goed uitvoeren. Wij kunnen daarin wel een ondersteunende rol spelen, we hoeven daar niet de sticker van Synthese op te plakken. Het gaat om hen en niet om ons. Ik ben er trots op dat zoveel burgers zich voor elkaar inzetten, dat vind ik een goede ontwikkeling.’

Wat deed je vóór je bij Synthese werkte?
‘Ik ben ingenieur elektrotechniek en heb zes jaar in de telecomsector gewerkt, bij KPN. Dat was mijn eerste werkgever. Ik deed daar aan productmanagement, strategische marketing en heb nieuwe diensten in de markt gezet. Eigenlijk was ik alleen maar bezig met geld verdienen voor de baas. In 2004 ging ik aan de slag bij de gemeente Rotterdam. Daar was ik vanuit de gemeente 8,5 jaar verantwoordelijk voor de aanpak ten bate van kwetsbare personen in de samenleving, zoals daklozen, zwerfjongeren, verslaafden en mensen met GGZ problematiek. Werk in de non-profit is best uitdagend, je hebt te maken met doelen die niet in elkaars verlengde liggen. Het werk in Rotterdam raakte me in mijn hart. Bijvoorbeeld toen ik iemand in een woonvoorziening sprak die goedgedragpunten spaarde om een keukentje te krijgen, terwijl hij een half jaar daarvoor nog onder een brug sliep. Mijn vrouw en ik woonden in Leidschendam. Oorspronkelijk komen we allebei uit het oosten van het land. Toen onze pleegkinderen de deur uit gingen, wilden we niet langer in de Randstad blijven wonen. Synthese vond ik een interessante organisatie met een sterke visie op de rol van gemeenschappen. Ik was al pleegouder en deed vrijwilligerswerk voor de kerk, dat sloot daar goed bij aan. En na de ervaringen in Rotterdam vond ik het interessant om iets voor kwetsbare mensen te doen vóór ze door de bodem zijn gezakt. In 2015 begon ik als directeur-bestuurder van Synthese.’

Wat is de stand van zaken met betrekking tot de transformatie in jullie werkgebied?
‘Dé transformatie bestaat niet. De meeste gemeenten in Noord- en Midden-Limburg hebben de overkomst van taken in het sociale domein inhoudelijk en financieel goed doorstaan. In elke gemeente van ons werkgebied is het anders georganiseerd, maar onze professionals zitten in alle sociale wijkteams. Of het nou maatschappelijk werkers, gezinscoaches of opbouwwerkers zijn. En overal werken ze in één team samen met professionals van andere organisaties. Meestal is het de gemeente die regisseert of coördineert. Voor onze professionals was dit eerst even wennen, maar nu komen ze goed tot hun recht. Omdat ze al een brede kijk op sociale problematiek hadden en gewend waren sociale netwerken te ondersteunen en de sociale kaart te gebruiken. Er zijn gemeenten die de professionals van sociale wijkteams in een nieuwe organisatie onderbrengen. Zelf geloof ik meer in de kracht van diversiteit: een gezamenlijk team van medewerkers uit verschillende organisaties. Zij maken gebruik van elkaars DNA.’

Waar ben je trots op?
‘Een voorbeeld: een van onze opbouwwerkers heeft inwoners van een dorp in de gemeente Horst en Maas geholpen een welzijnsorganisatie op te richten, die door deze inwoners wordt bemenst. Als het nodig is, springt hij bij. Maar hij heeft zichzelf deels overbodig gemaakt. Daar ben ik trots op. Ik ben ook trots op onze maatschappelijk werkers, die zorgen dat kwetsbare mensen bij ze aankloppen, zodat zij de regie op hun leven houden.’

Wat is jouw persoonlijke ambitie als directeur-bestuurder?
‘Ik probeer het goede te doen en verantwoordelijkheid te nemen. Vraag hulp als dat niet lukt. Ik heb niet echt een persoonlijke ambitie, wel voorkeuren. Ik haak af als het niet meer over inhoud of betekenis gaat. In mijn telecomtijd ging het steeds meer over geld en dan gaat bij mij de lol eraf. Hier wil ik ervoor zorgen dat het werk betekenis heeft voor de Limburgers voor wie we werken. Zij moeten ervaren dat ons werk nuttig is en een toegevoegde waarde heeft.’