Inloggen
home > nieuws > detailweergave
Dit is aan u gericht.
30 oktober 2018
 
Anonieme Homepage
Marcel Spierts over duurzaamheid sociaal werk
Inhoud:

Marcel Spierts over duurzaamheid sociaal werk

 

Ruud Geerts en Ineke Brok vierden hun afscheid van Forte Welzijn in Fort Lent op 6 september met de lezing “De duurzaamheid van sociaal werk” door Marcel Spierts, auteur van het vuistdikke proefschift “De stille krachten van de verzorgingsstaat”. Die stille krachten zijn sociaal en cultureel werkers, die gewoonlijk buiten de schijnwerpers hun werk doen en daarvoor lang niet altijd de erkenning krijgen die zij verdienen.

‘Er is de afgelopen decennia veel veranderd in het sociaal werk, maar er is ook veel hetzelfde gebleven: dat zijn de duurzame kernen van het sociaal en cultureel werk.’ Daarbij doelt Spierts op wat hij noemt ‘de logica van het activeren’. Tegelijkertijd constateert hij dat de transformatie van het sociaal domein nieuwe uitdagingen stelt aan het sociaal werk.

 

Frontstage backstage

Spierts betoogt dat het sociaal werk tal van sociale innovaties heeft opgeleverd, zoals buurbemiddeling, kinderopvang en peuterspeelzalen, bibliotheken, alfabetiseringsprogramma’s, buurtbemiddeling en community art. Een noviteit  van het sociaal werk in Vlaanderen is de sociale kruidenier, die inmiddels ook in Amsterdam is geïntroduceerd door de Hervormde Diaconie. Ook andere Nederlandse gemeenten zijn ermee gestart. Armen kunnen er een voedselpakket krijgen, maar anders dan de Voedselbank is de sociale kruidenier van, met en door armen. Zij ontmoeten elkaar daar, doen mee aan activiteiten, steken zelf ook de handen uit de mouwen.

Al dit soort innovaties ontstaan uit basale factoren: contacten met mensen leggen, vertrouwen winnen, mensen activeren en dergelijke. Ook is er altijd sprake van wat Spiets backstage en frontstage noemt. Frontstage staat voor hoe men zich graag laat zien en backstage voor de worstelingen die daarachter schuil gaan en voor het ‘achterom’ komen van sociaal werkers. Daarmee bedoelt Spierts nadrukkelijk niet de keukentafelgesprekken die professionals met verborgen agenda’s in opdracht van gemeenten voeren, maar open, informele gesprekken waarin sociaal werkers echt te weten willen komen hoe het met mensen gaat. Vooral jongerenwerkers kunnen goed omgaan met de dualiteit van back stage en frontstage, omdat het voor jongeren extra belangrijk is om in de schijnwerpers van het podium goed voor de dag te komen. Omgaan met deze dualiteit is een duurzame kracht van het sociaal werk. En uit de genoemde sociale innovaties kun je destilleren dat ‘de logica van het activeren’ de kern is van het sociaal werk. Elementen van die logica zijn afstemmen, empoweren, partnerschap, verbinden, arrangeren en ensceneren. Momenteel zijn eigen kracht en buurtkracht actuele thema’s, maar volgens Spierts is dat niets anders dan empoweren.
 

Twee uitdagingen

Sociaal werkers zijn weliswaar stille krachten van de verzorgingsstaat, die best meer zouden mogen laten zien wat zij bereiken, toch zijn er meer dan ooit anderen die op de bres springen voor sociaal werk, met name politie en justitie voor het jongerenwerk. Vooral sinds de aanslag op de Twin Towers en andere aanslagen in buitenland, is de reactie in Nederland: hier loopt het niet zo uit de hand, want hier hebben we het jongerenwerk.  

Door de omslag van de klassieke naar de activerende verzorgingsstaat of participatiesamenleving, staan we volgens Spierts om een kruispunt in de geschiedenis van het sociaal werk. Zelf begeleidt hij een aantal sociaal wijkteams en doet hij onderzoek naar het functioneren van sociaal wijkteams. De Universiteit van Amsterdam en de Universiteit voor Humanistiek hebben jaren lang sociaal wijkteams onderzocht in acht grote steden. ‘De conclusies zijn schokkend,’ zegt Spierts. ‘De verwachtingen zijn veel te hoog gespannen en de werkdruk voor de wijkteams is zo hoog, dat ze niet genoeg tijd hebben om vertrouwen te winnen, om lessen te leren uit de praktijk en verbeteringen te realiseren.’ Inmiddels hebben Jan Willem Duyvendak en Evelien Tonkens over dit onderzoek in Zorg+Welzijn gezegd dat sociaal werkers hun eigen inschatting van burgers belangrijker vinden dan wat beleidsmakers willen. ‘Zij hebben ervoor gezorgd dat bestuurders ondanks hun beleid kunnen zeggen dat er geen grote ongelukken zijn gebeurd.’

Op grond van zijn eigen ervaringen en onderzoek denkt Spierts dat de sociaal wijkteams in kleinere, overzichtelijker gemeenten beter draaien.

Hardnekkige problemen blijven armoede en schulden en de polarisatie in de samenleving. Voor het sociaal werk ziet Spierts twee grote uitdagingen: ten eerste de omslag maken van hulpverlening naar activering en ten tweede de omslag van individueel naar collectief. Zowel binnen als buiten de sociale teams. Daar ligt de kracht van het sociaal werk.

Ruud Geerts nam afscheid met een klassieker. Met een collega zong hij ‘Times they are a changing’ van Bob Dylan, waarbij Ruud zijn publiek verraste met fraaie klanken uit zijn klarinet. Het sociaal werk heeft duurzame kernen, maar tijden veranderen en daarmee het sociaal werk.