Inloggen
home > columns > boerenverstand

Boerenverstand

september 2017

 

‘Wil jij een blog schrijven voor de nieuwsbrief van Verdiwel?’ Natuurlijk wil ik dat. Graag zelfs! Vooral nu ik, met nog één jaar te gaan, op de helft van mijn interim opdracht bij WIEL zit en nog iets meer nadenk over wat het team al bereikt heeft en over wat ik nog op mijn droomlijst heb staan. In alle oprechtheid is het mij ook een eer om deze column te mogen schrijven. Tegelijkertijd schoot direct na de vraag mijn hoofd vol met mogelijke onderwerpen, want ik vind van veel dingen nogal wat. Wil ik schrijven over het succes van preventie, dat zo moeilijk hard te maken is? Over met de mond belijden wat nog geen ‘doen’ is?  Over de overbodigheid die wij na zouden moeten streven? Eigenlijk is samenwerken met formele en informele partijen momenteel mijn meest prangende onderwerp, want wij doen er zo moeilijk over. Wat raar is.

 

Stel: vijf mensen doen samen handmatig de afwas. De een spoelt de boel, daarna laat de volgende het sop in de bak lopen, de derde wast het servies af en spreidt dat over aanrecht en tafel uit, waar  de vierde de hele handel afdroogt en op weer een andere tafel wegzet, zodat de vijfde persoon het servies in de diverse kasten kan opbergen. Dit is een zeer solide doorgesproken en op elkaar afgestemde ketensamenwerking, waarbij allicht vooraf per vies serviesstuk gezamenlijk is besproken hoe die goed moet worden schoongemaakt. In een echte netwerksamenwerking pakken twee mensen dit op, met minder moeite, doorlooptijd, voorzieningen en overleg. Daarom doen wij dat ook zo in ons dagelijks leven in de keuken.

In de bouwwereld werken mensen van verschillende disciplines samen aan één doel: het huis. Daartoe maakt het hogere echelon een planning, maar het samenwerken gebeurt in de praktijk. Iedereen heeft een eigen taak en weet dat het veel minder moeite kost en effectiever is om dit zoveel mogelijk samen de doen, of minstens tegelijkertijd met de andere disciplines.

 

Eigenlijk is samenwerken niet groter dan dat. Weten wat je plaats en taak in het geheel is en die zo effectief en efficiënt mogelijk uitvoeren. Vorm een netwerk. Liever nog zie ik fluïde teams ontstaan.
Waarom moeten sociale teams dan weer tot nieuwe (gedetacheerde) entiteiten met speciaal toegekende extra uren worden opgetuigd?

Wij hebben een taak, voeren die zo slim mogelijk uit, met zo min mogelijk moeite, maar met de grootst mogelijke impact. In andere sectoren noemen ze dat lean, agile et cetera. Vrij naar Warnsdorff noem ik dat gewoon: boerenverstand.

 

Tegelijk zie ik gelukkig in de praktijk voorbeelden te over waarbij de professionals elkaar wel vinden, ondanks dat bestuurders de samenwerking tot gordiaanse knoop ver-vergaderen. Denk aan de jongerenwerker die samen met het CJG optrekt, of de mantelzorgconsulent die het maatschappelijk werk naast zich weet. Wat te denken van de onderwijzer die de jongerenwerker inschakelt voor een Rots- en Watertraining?  Ik droom ervan om al die professionals fysiek in één ruimte te laten werken. Samen koffie drinken en zo elkaar verrijken. Als je elkaar ziet, vind je elkaar sneller.

Laten wij ons richten op het nastreven van onze overbodigheid, want participeren moet je ondersteunen en niet overnemen, laat staan afdwingen. Meedoen maakt dat medeburgers er toe doen, zich gehoord weten en zich daardoor betekenisvol voelen. Denk aan de echoput: de eerste keer zeg je iets en hoopt op een echo, maar hoe vaker respons uitblijft hoe harder je in de put gaat schreeuwen.

Wij sociaal werkers hebben de sleutel van betekenisvol leven in een echte netwerksamenleving in de hand.

Samen maken wij het verschil.

 

Jeroen Vloedbeld, directeur-bestuurder a.i. Stichting WIEL, Elburg