Inloggen
home > in de schijnwerpers > collega in de schijnwerpers: annabell engles

Collega in de schijnwerpers Annabell Engles

‘Met het oog op mensen’ luidt het motto van Scoop Welzijn in Almelo. ‘Iedereen heeft recht op toekomstperspectief,’ zegt directeur-bestuurder Annabell Engles, tevens bestuurslid van Verdiwel. Begin dit jaar ging Scoop een bestuurlijke fusie aan met Maatschappelijk Werk noordwest Twente. ‘Op die manier kunnen we beter inspelen op de transities.’

 

‘Scoop vindt dat mensen zelf sturing moeten geven aan hun eigen leven en wil daar graag bij helpen door de weg te wijzen naar, door te verbinden met en te ondersteunen waar nodig.’ Scoop welzijn vindt dat ‘ieder mens de mogelijkheid moet krijgen om zich persoonlijk te ontwikkelen.  Zelfstandigheid en eigen verantwoordelijkheid zijn daarbij het uitgangspunt.’

Scoop Welzijn biedt een breed pakket aan welzijnsdiensten voor kinderen, tieners en jongeren, ouders, vrijwilligers en ouderen in de gemeente Almelo. Scoop heeft 54 medewerkers en ruim 320 vrijwilligers. Maatschappelijk Werk noordwest Twente (MWnwT)  heeft 56 medewerkers in dienst en is niet alleen actief in Almelo, maar tevens in Nijverdal, Holten, Vriezenveen, Vroomshoop, Westerhaar, Tubbergen, Rijssen en Wierden.  Bij MWnwT werken getrainde vrijwilligers voor schuldhulpverlening, thuisregistratie en in de formulierenbrigade.

 

Wat is de stand van zaken van de fusie?

‘De bestuurlijke fusie is op 1 januari 2014 gerealiseerd. Beide organisaties zijn in een moederstichting geplaatst: De Nieuwe Organisatie. We willen echt op de inhoud kijken hoe we de medewerkers en dienstverlening van beide organisaties met elkaar kunnen verbinden, zodat nog meer maatwerk geleverd kan worden en kan worden aangesloten bij de sociale agenda van de opdrachtgevers. Bovendien kunnen we dan beter inspelen op de transities.’

 

Gaan jullie sociale wijkteams vormen?

‘We zijn daarover in gesprek met gemeenten en kijken hoe Almelo en de regiogemeenten daaraan invulling willen geven. Dat kan per gemeente anders zijn. We hebben daarvoor “netwerkregie” als product ontwikkeld en participeren in verschillende pilots. We kijken ook naar ervaring die in steden als Eindhoven en Enschede zijn opgedaan.’

 

Scoop Welzijn werkt alleen in Almelo terwijl het maatschappelijk werk in heel noordwest Twente actief is. Maakt dat de samenwerking lastig?

‘Wij willen de welzijnsorganisaties in de regiogemeenten niet beconcurreren. Scoop is de grootste en heeft veel innovatiekracht.  Wij kunnen wellicht andere organisaties met nieuwe diensten en producten ondersteunen. Kennis overdragen en uitwisselen. Medewerkers bij anderen detacheren. In het verleden deden we dit soort dingen al op kleine schaal. Nu zijn we in gesprek met elkaar over hoe we toegevoegde waarde kunnen creëren door te verbinden. Met het maatschappelijk werk onderling werken we al samen op het niveau van heel Twente en worden ook bovenlokale afspraken gemaakt. Zo zijn we nu bezig met het opzetten van een regionaal steunpunt huiselijk geweld. Ook is met een aantal organisaties een coöperatie gevormd waarin we kijken hoe we de transities op Twents niveau kunnen realiseren. Behalve welzijn en maatschappelijke dienstverlening, doen daar ook (vooral) organisaties als MEE, Jarabee, Ambique en Bureau Jeugdzorg aan mee.

 

Hoe bevalt jullie nieuwe kantoorpand?

‘We zaten in een typisch jaren ’70-’80 kantoorgebouw in de binnenstad boven e en parkeergarage met lange gangen, lage plafonds en veel hokjes. Alles was erg afgescheiden en onpersoonlijk. Nu zitten we op het terrein van de sociale werkvoorziening in een voormalige lagere school. Dat pand is helemaal ingericht volgens de principes van het nieuwe werken: licht, fris, sober. Erg plezierig en wat leuk is: voor de helft van het geld, dus meer beschikbaar voor de dienstverlening. Alles is flexibel, niemand heeft meer een eigen werkplek. Ik zelf ook niet, ik vind het heerlijk. We merken dat de onderlinge communicatie door die nieuwe huisvesting enorm verbeterd is. De medewerkers vinden elkaar onderling nu op een natuurlijke manier. Ze werken met meer plezier. Fascinerend hoe dat werkt. Dat gebouw functioneert als een  bijenkorf  van waaruit de professionals uitvliegen naar de wijk en weer terug. Het maatschappelijk werk vroeg of ik in het hoofdgebouw in een eigen kantoor wil komen zitten. Maar ik heb zes jaar lang in een hokje gezeten, daar ga ik niet meer in terug.’

 

De gefuseerde organisatie biedt onder meer opvoedingsondersteuning, ambulant jongerenwerk, maatschappelijk werk, jullie werken in brede buurtscholen. Zijn jullie klaar voor de transities?

´Dat denk ik wel, voor zover je daar klaar voor kunt zijn. Onze medewerkers zijn heel goed in verbinden en samenwerken ze leveren zoveel mogelijk maatwerk. Niet vóór, maar mèt onze klanten. Wij hebben netwerkregie en de personal coach ontwikkeld. Die coach helpt mensen zodanig, dat ze snel in hun eigen kracht komen, zodat ze zelf verder kunnen. Dat gaat heel gestructureerd, met een stappenplan, dat tegelijkertijd ruimte voor maatwerk biedt. De coach bespreekt met klanten waar hun talenten en krachten zitten, stimuleert hen die krachten te gebruiken om zo een stapje te stijgen op de participatieladder. Onze ambulant jongerenwerkers zoeken jongeren op straat op en weten wat er speelt. Zij werken nauw samen met professionals uit bijvoorbeeld de jeugdzorg, maatschappelijk werk en politie. Op die manier kunnen problemen in een vroegtijdig stadium worden aangepakt. In een school voor voortgezet onderwijs hebben wij een lokaal waar jongeren heen kunnen als lessen uitvallen. De jongerenwerker kijkt met de jongeren wat hun interesses zijn en gaan daarmee aan de slag om zelf lessen te ontwerpen. Het draait allemaal om talentontwikkeling en zo voorkom je dat jongeren de school vroegtijdig moeten verlaten.’

 

Noem eens een dienst van Scoop welzijn waar je trots op bent?

‘Het Jonge Moederwerk! Onze medewerkers zijn met een paar jonge moeders naar de Tweede Kamer geweest, naar de staatssecretaris. Meisjes, soms nog maar dertien of veertien, worden op een goede, planmatige en persoonlijke manier begeleid naar economische en sociaal-emotionele zelfstandigheid, zodat ze goed voorbereid zijn op de komst van hun kindje en het kunnen opvoeden. Maar daarnaast ook voor zichzelf en hun eigen toekomst kunnen zorgen, zoveel mogelijk met hun directe omgeving. Ik ben trots op alle professionals. Het zijn stuk voor stuk  ondernemende vakmensen met hart voor de zaak, een open blik, die hard werken.’