Inloggen
home > in de schijnwerpers > collega in de schijnwerpers: martin van iperen

Collega in de schijnwerpers: Martin van Iperen

februari 2017

Hij maakte de overstap als adviseur bij Deloitte naar het sociaal werk, omdat hij dichter bij de uitvoering wilde werken.  Eerst tien jaar als directeur bij Timpaan en sinds augustus vorig jaar als directeur van Kwartier Zorg & Welzijn in de gemeenten Hoogezand-Sappemeer, Slochteren en Menterwolde. Ervaringen van nevenactiviteiten in het onderwijs komen hem als directeur goed van pas. En hij is blij dat er een goede verbinding is tussen het brede sociaal werk en de sociale wijkteams, waarvan de overgrote meerderheid in zijn werkgebied wordt gecoördineerd door sociaal werkers van Kwartier. 

 

Zoals vrijwel alle organisaties voor sociaal werk heeft Kwartier Zorg & Welzijn als missie het vergroten van zelfredzaamheid van de inwoners en het voorkomen van sociaal isolement. ‘Hiervoor is het nodig de samenredzaamheid en sociale samenhang in de gemeente te vergroten,’ lezen we op de website. ‘Dat doet Kwartier door problemen én kansen te signaleren, nieuwe ontwikkelingen te initiëren, projecten te coördineren en waar nodig, concrete hulp, zorg en ondersteuning te bieden. Kwartier verbindt mensen met elkaar en met hun directe sociale omgeving.’

 

Sinds 1 augustus 2016 ben je directeur  van Kwartier Zorg en Welzijn. Wat deed je daarvoor?
‘Vanaf 2006 was ik directeur bij welzijnsorganisatie Timpaan, die actief is in Friesland en de kop van Overijssel. Daarvoor was ik adviseur bij Deloitte. Daar leerde ik veel over strategische plannen en bedrijfsvoering, maar de afstand tot de mensen waarvoor je die plannen maakt was zo groot, dat ik mij daar niet meer comfortabel meer bij voelde. Daarom maakte ik de overstap naar Timpaan. Op verzoek van de toenmalige bestuurder. Die zei dat de marktwerking eraan kwam in zorg en welzijn en vroeg of ik zijn organisatie wilde komen versterken met mijn ervaring van Deloitte. Ik begon meteen gesprekken te voeren met medewerkers en managers. Zo kwam ik er achter dat welzijnswerk geen zaak is van aanbesteding en marktwerking, maar van relaties tussen mensen, tussen inwoners en hulpverleners en ondersteuners die elkaar op andere manieren moeten leren kennen en soms jarenlange relaties met elkaar aangaan. Het heeft geen zin als professionals na twee jaar vertrekken omdat een andere partij dat voor drie euro minder kan doen. Ik wilde dichter bij die uitvoering werken.’

 

Je bent lid van de professional board van de masteropleiding Social Work van de Hanzehogeschool/NHL en lid van de adviesraad van de Stenden Hogeschool. Hoe belangrijk zijn die functies voor je werk bij Kwartier?
‘Vanwege mijn betrokkenheid bij het onderwijs werd ik uitgenodigd voor de Commissie Professionalisering & Kwaliteit van Sociaal Werk Nederland. Daarnaast was ik lid van de verkenningscommissie HSAO, die zich onder voorzitterschap van professor Hans Boutellier bezig hield met de herijking van het sociaal-agogisch onderwijs. Het advies aan de Vereniging  Hogescholen legde de basis voor de veranderingen die nu in de bachelor-opleidingen worden doorgevoerd. Daarmee wordt het aantal opleidingen in het sociale domein van acht naar drie teruggebracht. In die functies kon ik ervaringen uit het werkveld inbrengen. Zo was ik onder meer betrokken bij het opzetten van masteropleidingen bij de Hanzehogeschool in Groningen en de NHL Hogeschool in Leeuwarden. Inmiddels zijn er in Noord Nederland vijftig hbo-masters afgestudeerd. Als je investeert in het hoger onderwijs komen studenten vervolgens beter geschoold de beroepspraktijk in. En ook ervaren medewerkers verbreden en verdiepen hun kennis, waardoor ze nog beter complexe vragen oppakken.’

 

Kwartier is werkzaam in de gemeenten Hoogezand-Sappemeer, Slochteren en Menterwolde. Hartje aardbevingsgebied. Wat betekent dit voor jullie werk?
‘Dat je naast reguliere problemen te maken hebt met mensen die de gevolgen van de gaswinning persoonlijk ondervinden. Maar erg bepalend voor ons werk is dat ook weer niet. Hoogezand-Sappemeer heeft veel grootstedelijke problematiek. Lange tijd was er veel maakindustrie en waren er scheepswerven. Die zijn er nog, maar er zijn veel banen verloren gegaan. Zo kwam er veel werkloosheid. Laaggeletterdheid en armoede, drugshandel en drugscriminaliteit zijn veelvoorkomende kwesties. In de andere gemeenten is die problematiek beperkter. Bij elkaar opgeteld hebben ze samen 60.000 inwoners. Per 2018 gaan ze samen op in de nieuwe gemeente Midden Groningen. Wij zijn erop gefocust het voor elkaar te krijgen dat het sociaal werk  tijdens “die verbouwing van de winkel” optimaal blijft functioneren. De gemeentelijke herindeling mag nooit als excuus worden gebruikt, om inwoners gebrekkig te ondersteunen.’

 

Er is veel problematiek onder de inwoners van deze gemeenten. Wat zijn hun sterke of positieve kanten?
‘De betrokkenheid van burgers bij ons werk is groot. In iedere wijk zijn er bewoners die opstaan en zeggen: dit kan zo niet langer, daar gaan we wat aan doen. Dan nemen ze zelf ook de teugels in handen. Er is hier een cultuur van direct communiceren. Als iets niet goed gaat, draait men er niet om heen en krijg je dat ongezouten te horen. Maar tegelijkertijd is er die grote bereidheid om de schouders eronder te zetten. Als je die dynamiek weet te mobiliseren, kun je bergen verzetten.’

 

Jullie motto is ‘Altijd in de buurt’. Hoe geven jullie dat vorm?
‘Dat nemen wij erg letterlijk. Zoals de meeste organisaties voor sociaal werk,  kruipen wij in de haarvaten van de samenleving. Met de gemeenten hebben we ervoor gezorgd dat we in elke wijk heel laagdrempelige voorzieningen hebben. Buurthuizen, wijkcentra, steunpunten. Maar we hebben ook een opbouwwerker die met een vouwcaravan de wijk inrijdt, de caravan uitklapt, een pot koffie zet en in gesprek gaat met buurtbewoners over hun plannen, wensen en dromen.’

 

Hoe gaat het met de sociale wijkteams in jullie werkgebied?
‘Mooi is dat Kwartier niet alleen een brede welzijnsorganisatie is, maar ook invulling geeft aan de sociale teams. In de overgrote meerderheid van deze teams mogen wij ook de teamleiding leveren. In de teams zitten medewerkers van Kwartier en de gemeenten, van MEE Groningen, van ggz-aanbieder Lentis, thuiszorgproject Nait Soezen en van twee organisaties voor mensen met een verstandelijke beperking: Novo en De Zijlen. Er is een goede verbinding tussen het brede welzijnswerk als voorliggende voorziening en de sociale teams als toegang naar specialistische zorg. We zijn met alle macht bezig met preventie en het voorkomen van zwaardere zorg, met name bij jongeren.  Dat lukt. Maatschappelijk werkers bijvoorbeeld zien vragen bij wijkteams binnenkomen en maken dan een collectief aanbod. Van dit soort initiatieven zijn tal van voorbeelden.’

 

Waar ben je trots op?
‘Ik ben trots op wat we bereiken met de sociale wijkteams. Aanvankelijk had ik mijn twijfels over de brede samenstelling van de teams en de nieuwe opdrachten. En aanvankelijk was de werkdruk ook zo groot dat ruimte voor vernieuwing oneindig ver weg leek. Inmiddels is het “hijgerige” er van af en zie ik medewerkers kennis delen, met elkaar en met bewoners. Er wordt actief gezocht naar verbinding met het opbouwwerk, huisartsen, bewonersorganisaties en kenniscentra. Ook door professionals voor wie dat in het verleden niet altijd vanzelfsprekend was.’

 

Wat is jouw ambitie als directeur voor komende jaren?
‘Dat we de komende twee jaar de zorg en dienstverlening voor mensen zodanig hebben uitgebreid en geoptimaliseerd, dat we nog beter in staat zijn problemen in een vroegtijdig stadium waar te nemen en aan te pakken. Beter nog: weten te voorkomen. Nog meer inzetten op preventie dus. Een tweede ambitie heeft te maken met de veelheid aan projecten en interventies, waar niet altijd sprake is van een herkenbare samenhang. Er moet meer samenhang komen tussen al die interventies en projecten.’