Inloggen
home > in de schijnwerpers > collega in de schijnwerpers: ruud geerts

Collega in de schijnwerpers: Ruud Geerts

januari 2017

 

Forte Welzijn is het resultaat van een fusie tussen Stichting Welzijn Groesbeek en Stuw Welzijn in Overbetuwe. ‘We hebben een efficiëntieslag en een kwaliteitsslag gemaakt,’ zegt directeur-bestuurder Ruud Geerts. Het werkterrein van Forte Welzijn is een plattelandsgebied en het is waarschijnlijk een van de weinige organisaties voor sociaal werk die óók over de grens actief is: in Duitsland. Een soort missiewerk, want in Duitsland is nauwelijks welzijnswerk zoals wij dat in Nederland  kennen.

 

Forte Welzijn voert sociaal werk uit in drie gemeenten: Berg en Dal, Overbetuwe en Heumen. Op haar website profileert zij zich als ‘een onafhankelijke instelling voor lokaal welzijnswerk op het platteland. Wij ondersteunen en stimuleren mensen in hun persoonlijke en maatschappelijke ontwikkeling, zowel individueel als groepsgewijs. We doen dit vanuit sociale bewogenheid en bevorderen dat mensen zelf hun keuzes kunnen maken. De werkwijze van Forte Welzijn kenmerkt zich door professioneel en integer handelen. Forte Welzijn werkt samen met andere organisaties die zich eveneens inzetten voor het welzijn van mensen.’

 

Hoe typeer je het werkgebied van Forte Welzijn?

‘Als een plattelandsgebied met veel verschillende grote en kleine kernen. Elst is met zo’n 18.000 inwoners het grootste dorp van de gemeente Overbetuwe, die in totaal 46.000 inwoners heeft. Er zijn ook kernen met minder dan 1.000 inwoners. Groesbeek is het grootste dorp in de gemeente Berg en Dal, die zo’n 36.000 inwoners heeft. Typerend voor dit gebied is dat de sociale samenhang nog vrij sterk is. Sommige kernen liggen heel geïsoleerd. Millingen aan de Rijn bijvoorbeeld, ligt aan de Waal, bij de Duitse grens. Dan zijn de afstanden groot. Dat heeft invloed op de bevolkingssamenstelling en op de mentaliteit: we zoeken het samen uit. Dat is positief. Maar er zijn ook nieuwkomers die zich daarin niet thuis voelen. Alles is ver weg, de afstanden zijn groot en met het openbaar vervoer wordt het steeds minder. Steeds meer voorzieningen verdwijnen. In een aantal kernen zijn geen winkels en huisartsen meer en is het openbaar vervoer verdwenen.’

 

Hoe speelt Forte Welzijn daarop in?

‘We proberen optimaal te faciliteren dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig in hun eigen dorp kunnen blijven wonen. Natuurlijk stimuleren we de ontmoetingsfunctie in de kernen, ook voor mensen met beginnende dementie. Daarnaast ondersteunen we bewonersinitiatieven als klussendiensten en vervoersdiensten. We stimuleren vrijwilligers om die diensten op te zetten. De burgerkracht in die dorpen is enorm. Wij beschouwen deze vrijwilligers niet als “onze” vrijwilligers, maar proberen zo goed mogelijk aan te sluiten bij initiatieven die bewoners al hebben ontwikkeld of nog kunnen ontwikkelen en waar nodig te faciliteren. Bijvoorbeeld het Steunpunt Mantelzorg Overbetuwe, dat al bijna twintig jaar bestaat. Wij leveren professionele ondersteuning, maar dat Steunpunt is volledig autonoom. Een ander voorbeeld is Vitaal Mariëndaal in Groesbeek. Daar gaat het om een zorgcentrum met woningen voor ouderen, waar ook een restaurant bij is waarin mensen met een rugzakje werken als vorm van dagbesteding. En er is een park dat door vrijwilligers aangelegd is en onderhouden wordt. Wij organiseren de dagbesteding. Er zijn vrijwilligers van verschillende pluimage actief. Ook daar bieden wij ondersteuning en coördineren de boel, maar ook hier geldt dat er sprake is van een autonome stichting.’

 

 Forte Welzijn is een international e organisatie. Jullie zijn immers ook actief in Duitsland?

‘Dat klopt! Berg en Dal ligt als een halve maan rond de Duitse gemeente Kranenburg. In de dorpen in de grensstreek zijn veel contacten tussen Nederlanders en Duitsers. En omdat de huizenprijs in Duitsland lager is, zijn veel Nederlanders in Duitsland gaan wonen, maar ze werken, sporten en recreëren in Nederland. Daardoor komt de sociale verbondenheid onder druk te staan. Daarover ging ik in gesprek met de burgemeester van Kranenburg. Tegelijkertijd had Mijnbuurtje.nl contact met mij gezocht. Mijnbuurtje is een soort digitaal dorpsplein, waar onder andere vraag en aanbod van hulp en diensten worden gekoppeld. Ze zijn actief in verschillende gemeenten. Samen ontwikkelen we nu zo’n initiatief in de grensstreek.  De situatie in Duitsland is heel anders dan in Nederland. Daar zijn nauwelijks middelen voor welzijnswerk en opbouwwerk kennen ze daar niet.  Van de 65plussers is in Duitsland 50 procent op internet, bij ons is dat 85 procent. Daarom voeren we ook gesprekken met Seniorweb, een vrijwilligersclub die computerlessen geeft. Zij zouden dat dan ook in Kranenburg kunnen doen. Voor risicoleerlingen willen we daar een maatjesproject opzetten. Voor deze activiteiten vragen we subsidie aan bij Euregio en bij de deelstaat Noordrijn-Westfalen.’

 

Forte Welzijn is het resultaat van de fusie van Stichting Welzijn Groesbeek en Stuw Welzijn. Hoe is de stand van zaken?

‘Sinds 22 juni zijn we één organisatie en hebben we de naam Forte Welzijn. Dat was een logisch sluitstuk van samenwerking gedurende eerdere jaren. In 2014 kwam de bestuurlijke fusie tot stand: toen hadden de beide stichtingen één Raad van Toezicht en één directeur-bestuurder. We hebben kernwaarden en speerpunten geformuleerd, een efficiëntieslag en een kwaliteitsslag gemaakt. De sterke kanten van beide vroegere organisaties komen nu tot hun recht in heel Forte Welzijn. Onze gebiedsgebonden teams functioneren goed. In totaal hebben we 52 medewerkers. We blijven ons richten op samenwerking met collega-organisaties en schaalvergroting, met name om de bedrijfsvoering en kwaliteitsontwikkeling te versterken.’

 

Hoe verhouden jullie teams zich tot sociaal wijkteams?

‘In Overbetuwe heeft elke kern een eigen kernteam met daarin een opbouwwerker van ons, een maatschappelijk werker van Stichting Thuiszorg en Maatschappelijk Werk Rivierengebied. Plus medewerkers van MEE en RIBW. Bijzonder in Overbetuwe is dat er ook vrijwillige bewoners in de kernteams zitten. Zij draaien spreekuren en spelen ook een belangrijke rol als verbinder naar actieve inwoners die helpen bij praktische zaken als mensen naar het ziekenhuis vervoeren en boodschappen doen. Daarnaast is er een WMO-loket, dat door gemeenteambtenaren wordt bemenst en waar de indicatie naar professionele zorg plaatsvindt. Zij werken nauw samen met de kernteams, die focussen op de nulde lijn en op de verbinding tussen de nulde en de eerste lijn. De lijnen  tussen de kernteams en onze uitvoerende teams zijn kort. Kernteams kunnen gebiedsteams vragen om bijvoorbeeld informatieavonden of vervoersdiensten te organiseren. In de gemeente Berg en Dal zijn wij ook actief in de Sociale Wijkteams. Daar ligt wel meer de nadruk op indiceren. Onze mensen steken vooral in op het organiseren van de omgeving en inschakelen van bewoners en bewonersorganisaties voor preventie en collectieve oplossingen dicht bij huis. Dat geeft wel spanningen, omdat het accent nog vaak ligt op het oplossen van individuele casuïstiek, waardoor er te weinig ruimte is voor collectieve oplossingen in de buurt.’

 

Waar ben je trots op?

‘Op de samenwerking met onze partnerorganisaties, waarbij we al jaren geleden hebben afgesproken dat we transparant zijn over onze organisatiebelangen en samen de belangen van de inwoners voorop zetten.  Maar ook op Opstap. Dat is een project in de gemeente Overbetuwe voor mensen die weinig contacten hebben en anderen willen ontmoeten in een vertrouwde omgeving of een leuke dagbesteding zoeken.  Dat werkt erg goed: mensen ondersteunen elkaar en er komt nauwelijks nog een professional aan te pas. Ik ben er ook trots op dat we goed aansluiten bij vrijwilligersorganisaties.’

 

Wat is je ambitie als directeur-bestuurder voor de komende tijd?

‘Binnen Forte hele sterke teams neerzetten, die ondernemend zijn, nagenoeg zelfstandig kunnen werken en zelf in gesprek gaan met opdrachtgevers en zelf nieuwe opdrachten binnen halen.  Daarnaast wil ik een zowel financieel als inhoudelijk een gezonde en kwalitatief goede organisatie neerzetten. Dat kan betekenen wat we qua bedrijfsvoering naar verdere schaalvergroting moeten streven. Want klein is fijn, maar het bundelen van krachten maakt je sterker!’