Inloggen
home > in de schijnwerpers > collega in de schijnwerpers carine thesingh

Collega in de schijnwerpers Carine Thesingh

juni 2014

 

Met 200 medewerkers en werkend vanuit 60 peutercentra is Spelenderwijs Utrecht de grootste organisatie voor voorschoolse educatie en peuterspeelzaalwerk van Nederland. Kernwaarden van Spelenderwijs zijn: kwaliteit voorop; partnerschap met de ouders; vreedzaam werken; wijkgericht werken; menging van groepen; en tenslotte versteviging van de doorgaande lijn. ‘Ik ben trots op kinderen die na onze peuterspeelzalen of voorscholen een goede start op de basisschool maken,' zegt directeur-bestuurder Carine Thesingh. 'En trots op de enorme betrokkenheid van onze medewerkers en de stad die de voorschoolse educatie goed faciliteert. Wij zijn experts van het jonge kind.’

 

In 2013 zijn de voorschoolse educatie van Doenja Dienstverlening, Portes, Cumulus Welzijn en het peuterspeelzaalwerk van Koko uit Vleuten/De Meern samengegaan in de Spelenderwijs Utrecht. Op haar website stelt de nieuwe organisatie zich voor als ‘expert in de educatie van jonge kinderen voordat ze naar de basisschool gaan. Wij bieden een professioneel, wijkgericht aanbod voor kinderen van twee en een half tot vier jaar. Wij geven kinderen een veilige speelomgeving waarin zij zich optimaal kunnen ontwikkelen.’

Elk peutercentrum heeft één of meer of groepen. Elke groep telt maximaal 15 kinderen per dagdeel. doelgroepkinderen (van lager opgeleide ouders) bezoeken het peutercentrum 4 dagdelen en peuterspeelzaalkinderen twee dagdelen per week. In de peutercentra worden kinderen met en zonder  taal- of ontwikkelingsachterstand spelenderwijs voorbereid op de basisschool. In gemengde groepen worden doelgroepkinderen   en peuterspeelzaalkinderen gecombineerd. Momenteel is er veel  gemengde groep in Leidsche Rijn en Vleuten/De Meern, die ‘speelleergroep’ wordt genoemd. We streven er naar alle groepen van Spelenderwijs te mengen (op basis van de vraag in de wijk). De organisatie investeert flink in de scholing van de pedagogisch medewerkers De peutercentra werken intensief samen met basisscholen,  welzijn en kinderopvangorganisaties

 

Waarom wil Spelenderwijs alle groepen mengen?

‘In de voorschoolgroepen zie je meer kinderen van lager opgeleide ouders, die worden grotendeels gesubsidieerd door de gemeenten. In de peuterspeelzaalgroepen zie je meer kinderen van hoger opgeleide ouders, die daarvoor een inkomnesafhankelijke  eigen bijdrage betalen. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat gemengde groepen een positief effect hebben op de ontwikkeling – met name  de taalontwikkeling – van kinderen met een achterstand. en dat dat geen negatief effect heeft op de taalontwikkeling van “talige” kinderen.  We bieden alle kinderen een uitdagende leeromgeving en in gemengde groepen mengen we kinderen van hoger en lager opgeleide ouders, en van werkende en niet werkende ouders.’

 

Stuit dit op tegenstand van hoger opgeleide ouders?

‘Als in een groep veel kinderen met een niet-Nederlandse achtergrond zijn, zeggen ouders daar wel eens iets over. Dan gaan wij altijd het gesprek aan. We leggen uit dat wetenschappelijk onderbouwd is dat kinderen van hoger opgeleide ouders niet minder gaan scoren in gemengde groepen, terwijl kinderen met een achterstand juist met sprongen vooruit gaan. Kinderen leren van elkaar en wij zorgen er  voor dat er deskundige medewerkers op de groep staan die alle kinderen uitdagen. Gemengde groepen zijn een afspiegeling van de wijk.’

 

Partnerschap met de ouders is één van jullie kernwaarden. Bieden jullie ook opvoedingsondersteuning?

‘Betrokkenheid van ouders bij de ontwikkeling van hun kinderen is en vinden wij heel  belangrijk. Als er thuis slecht ontwikkel klimaat heerst, kunnen wij ons best doen, maar dat werkt niet. Als onze activiteiten bij de kinderen thuis worden ondersteund, dan kunnen de kinderen hier en thuis spelend leren en leren ouders hoe ze negatief gedrag kunnen negeren en positief gedrag kunnen stimuleren. Het bieden van opvoedingsondersteuning aan alle ouders tussen de 0-4 jaar is geen opdracht van de gemeente, maar wat we wel doen is ouders die hun kind bij ons brengen op allerlei manieren een handje helpen om hun kinderen te stimuleren om spelend te leren. De pedagogisch medewerkers gaan vaak in gesprek met ouders, onder meer naar aanleiding van het kindvolgsysteem waarin de ontwikkeling van een kind vastgelegd wordt. Ouders worden gestimuleerd om altijd een kwartiertje op de groep te blijven. Daarnaast organiseren we themabijeenkomsten.’

 

Op zogenoemde ‘vreedzame’ basisscholen worden kinderen getraind in het oplossen van conflicten tussen andere kinderen, leren verantwoordelijkheid te nemen en dat er verschillen mogen zijn . Jouw organisatie werkt ook vreedzaam. Zijn peuters niet erg jong voor die aanpak?

‘We leren de kinderen verantwoordelijkheid te dragen. Ze worden gestimuleerd om elkaar te helpen, bijvoorbeeld met het aantrekken van een jas. Ze krijgen extra taken en verantwoordelijkheden, bijvoorbeeld fruit uitdelen of lego opruimen. We gebruiken de “verteldoos” om de werelden van thuis en de groep met elkaar te verbinden. En conflicten worden samen opgelost. Voor de kleinsten is dat moeilijk, maar ze leren wel hun eigen ruzietjes op te lossen. Dat past bij de ontwikkeling van democratisch burgerschap in het onderwijs.’

 

Ook wijkgericht werken is een kernwaarde. Met wie werken jullie samen?

‘Met basisscholen, het welzijnswerk, de jeugdgezondheidszorg, de kinderopvang, de jeugdzorg en allerlei specialisten, zoals logopedisten en het centrum voor autistische kinderen. Aan elke groep is een eigen zorgconsulent verbonden die in dienst is van Spelenderwijs Utrecht.  De zorgconsulent   observeert alle kinderen  en geeft  adviezen aan de medewerkers en/of aan de ouders. Ook kunnen zorgconsulenten een aanvullend aanbod voor een kind adviseren. Met partners doen we zoveel mogelijk aan de voorkant. Problemen worden vroegtijdig gesignaleerd en aangepakt om zwaardere vormen van jeugdzorg te voorkomen. Ook ouders zien dat wij preventief werken. Wij weten veel van de peuters in onze groepen en er is een warme overdracht naar het basisonderwijs. Die scholen weten dan wat voor kinderen ze binnen krijgen en hoe ze hun ondersteuning op hen kunnen afstemmen. Ik ben blij dat de gemeente en de organisaties erin geslaagd zijn om een goede zorgstructuur neer te zetten. Wij spelen een goede rol in de jeugdzorgketen en bij het passend onderwijs.’

 

Wat is de grootste uitdaging voor jou als bestuurder?

‘Mijn grootste uitdaging is om in het hele krachtenveld van onderwijs en kinderopvang goede voorschoolse educatie aan te bieden en om uiteindelijk te komen tot een goed aanbod voor nul tot twaalf jarigen door integrale kindcentra. Dat je dan niet meer in een situatie zit waarin vijf of zes verschillende organisaties dat aanbod uitvoeren.’

 

Waar ben je trots op?

‘Ik ben trots op kinderen die na onze peuterspeelzalen of voorscholen een goede start op de basisschool maken. En trots op de enorme betrokkenheid van onze medewerkers en de stad die de voorschoolse educatie goed faciliteert. Wij zijn experts van het jonge kind.’