Inloggen
home > in de schijnwerpers > collega in de schijnwerpers: anne verheij

Collega in de schijnwerpers: Anne Verheij

april 2014

 

Stichting Fier verzorgt een breed pakket aan diensten, informatie & advies en ondersteuning ten behoeve van het welzijn van de burgers op het Zuid-Hollandse  eiland Goere-Overflakkee. ‘Een eiland van zestig kilometer lang met veertien kernen die ongeveer op een rij liggen,’ zegt directeur-bestuurder Anne Verhey. ‘Dat stelt specifieke eisen aan ons werk.’ In 2013 werden de vier gemeenten Goedereede, Dirksland, Middelharnis en Oostflakkee samengevoegd tot de gemeente Goeree-Overflakkee met 48.000 inwoners.  In hetzelfde jaar fuseerden vier welzijnsorganisaties tot één brede welzijnsorganisatie voor het hele eiland: Stichting Fier. De decentralisaties komen er aan en het eiland worstelt ook nog eens met vergrijzing, krimp en armoedeproblemen. Er is veel te doen op Goeree-Overflakkee.

 

Stichting Fier profileert zich als ‘dé welzijnsorganisatie op het eiland, die een breed, gedifferentieerd en kleinschalig aanbod levert dicht bij de mensen ten behoeve van hun welzijn, met een verbindende insteek, die uitgaat van de lokale situatie met respect voor een ieder. Het bieden van optimale ontwikkelingskansen voor kinderen en jeugd zien wij als een onderdeel van welzijn.’

Goeree-Overflakkee valt voor een aantal regelingen onder de regio Rijnmond, terwijl er weinig grootstedelijke problematiek is. ‘De problemen hier vallen altijd in het niet vergeleken met die in Rotterdam. Dus als hier een woninginbraak is geweest, komt de technische recherche niet. Een grote zorgorganisatie uit Rotterdam vindt sociale alarmering niet meer van deze tijd. Maar hier past het meer om buren in te schakelen dan afhankelijk te zijn van één verpleegkundige voor dit hele eiland. Hier moeten we veel met lokaal maatwerk doen.’

 

Stichting Fier is een bijzondere naam voor een welzijnsorganisatie. Hoe kwamen jullie daar op?

‘De mensen hier hebben een no-nonsense houding. Maar wij vinden dat ze best trots mogen zijn op hun eiland. Vandaar de naam Fier. Er is echter een organisatie in Friesland met dezelfde naam, die bovendien geregistreerd is. Daarom verandert onze naam op 1 juni in Stichting Zijn. Daarmee drukken we uit dat welzijn in brede zin na de allereerste levensbehoeften enorm belangrijk is.’

 

Wat is de grootste uitdaging voor Stichting Fier?

‘Zorgen dat welzijn haar plek houdt als de transities hun beslag krijgen. De gemeente is net gefuseerd en moet nu volop aan de slag met de transities. De eerste aandacht gaat naar de zorg en op het welzijnsbudget wordt gekort. Ik ben vaak op het gemeentehuis en ken de wethouder en de ambtenaren goed. Ik zeg dan dat wij juist in de transities preventief werk kunnen doen. Zaken regelen in het sociale netwerk. Vrijwilligers kunnen inzetten.  Dat wij daar goed in zijn. De gemeente wil echter eerst de zorg regelen en daarna pas met ons over de functie van welzijn praten.  Daardoor zijn we nu in de achterhoede terechtgekomen, terwijl we in de voorhoede zaten.’

 

Gaan jullie nu op de gemeente zitten wachten of anticiperen jullie toch al op die transities?

‘Natuurlijk gaan wij niet zitten wachten. Wij hebben de gemeente een zes pilots voorgesteld. Bijvoorbeeld dat alle mensen die een voorziening aanvragen, eerst door een van onze adviseurs worden bezocht om te kijken wat mensen zelf kunnen doen, wat het netwerk en vrijwilligers kunnen doen. De gemeente koos ervoor dat enkelvoudige vragen meteen naar zorgorganisaties gaan, omdat ze anders zelf overbelast raakt. Voor complexere vragen gaan mensen dus naar de gemeente.

Een andere pilot die wij voorstelden, is wel opgepakt. Wij hebben voorgesteld om samen met de woningcorporatie en zorgorganisaties in elke kern om te tafel te gaan zitten met de dorpsraad en mensen uit het verenigingsleven, om per kern na te gaan welke behoeften er leven en wat er nodig is om die kern leefbaar t e houden.  Los van deze pilots zijn we steeds meer op preventie en vroegtijdige hulp en ondersteuning gaan zitten. Dicht bij de mensen en daarbij het sociale netwerk en vrijwilligers inschakelen. We maken matches in de kernen, brengen mensen die hulp nodig hebben in contact met anderen die deze hulp kunnen geven. In die zin spelen we ook in op de transities.’

 

Vergrijzing en armoede zijn eveneens grote problemen op Goere-Overflakkee. Wat doen jullie daaraan?

‘De schuldenproblematiek loopt uit de hand. Bijvoorbeeld voor mensen voor wie de ww ophoudt.  Daarom hebben we de gemeente een vroegsignaleringssysteem voorgesteld. Dit houdt in dat wij ingeschakeld worden zodra zorgverzekeraars merken dat iemand de premie niet betaalt of de corporatie ziet dat de huur  niet wordt overgemaakt. Wij willen er graag vroegtijdig bij zijn om te voorkomen dat problemen verder uit de hand lopen.  De vergrijzing is inderdaad een ander probleem. Jongeren trekken weg en ouderen uit Rotterdam zoeken rust op dit eiland en vestigen zich hier.  Onze ouderenadviseurs leggen signalerende huisbezoeken af, stimuleren ouderen om sociale netwerken te onderhouden of te vergroten en kijken welke zorg ze nodig hebben.’

 

Expliciet uitgangspunt van jullie personeelsbeleid is dat medewerkers de kans moeten krijgen hun talenten te ontwikkelen en het beste uit zichzelf te halen. Wat levert dat de organisatie op?

‘Intrinsiek gemotiveerde medewerkers. Omdat we in een groot gebied werken, is er geen directe aansturing. Dan is het belangrijk dat medewerkers goed gemotiveerd zijn.’

 

Waar ben je trots op?

‘Op al mijn bevlogen collega’s en op al die 300 vrijwilligers die via onze organisatie aan de slag zijn. Ook als klussen niet zo leuk zijn. Trots ben ik ook op de renovatie van ons cultureel centrum Diekhuus. Daar is een theaterzaal in gebouwd. Er is  130.000,- aan sponsorgelden bijeen gebracht en tientallen vrijwilligers hielpen met slopen, bouwen, schilderen en schoonmaken.  Een van de artiesten die er optreedt is cabaretier Richard Groenendijk, die hier op het eiland is geboren, in Dirksland.’