terug naar overzicht

Breder Kijken: Jan Rotmans over welzijn 3.0

img-20220617-wa0002 Impressie

We leven niet in  een tijdperk van verandering, maar in een verandering van tijdperk.’ Met deze  stelling opende professor Jan Rotmans zijn lezing. In de economie, de politiek, zorg en welzijn, digitalisering en sociale media: overal is beweging. ‘We nemen afscheid van het vertrouwde en dat loslaten kan pijn doen. Daar tegenover staat dat chaos een voorwaarde is voor echte verandering. Ik begon als wiskundige en dan houd je van chaos.’ Vandaar ook de titel van het boek dat alle leden na Oud & Nieuw of na deze workshop kregen: “Omarm de chaos”.  

We worstelen met thema’s als klimaatsverandering, duurzaamheid, migratie, de coronapandemie en zitten klem tussen de kilte van de markt en de politiek. ‘Tot in de jaren zeventig was de overheid dominant, de afgelopen decennia groeide het geloof in het marktdenken en nu zoeken we naar een nieuwe balans tussen markt en overheid.’ 

Door de dominantie van het marktdenken zijn de rijken steeds rijker geworden en nam de sociaal-economische gelijkheid in de Nederlandse samenleving steeds meer toe. Zorg en welzijn zijn geprotocolleerd en onderdeel van de systeemwereld geworden en steeds meer losgezongen van de sociale werkelijkheid. ‘Zorg is een markt geworden en dat zijn we nu weer aan het terugdraaien, want het gaat hier om een publiek goed.’ Rotmans vindt dat het sociaal werk het ‘gewone’ of ‘dagelijks leven’ als vertrekpunt moet nemen: ‘Wat kunnen jullie oplossen in de sociale omgeving? Op scholen  in sportverenigingen? In de buurten?’ 

Sociale transitie: naar samenleving 3.0
Mensen zijn geneigd alles bij het oude en vertrouwde te houden en leren van een crisis. Na elke crisis is er een groep van ongeveer 25% die verandering wil en zijn gedrag verandert. Deze groep kan anderen overtuigen en zo kan het percentage van mensen die daadwerkelijk hun gedrag veranderen, groeien. Zo is het ook bij stoppen met roken gegaan. Veertig jaar geleden werd roken als normaal en zelfs ‘gezellig’ beschouwt. Er waren zelfs zwangere vrouwen die bleven roken. Wie nu nog rookt is voor veel anderen een sukkel.  

Als we veranderingen willen bewerkstelligen, kunnen we volgens Rotmans aan drie knoppen draaien. De eerste is die van beleid, waar mogelijk gekoppeld aan financiële impulsen in de vorm van belasting of subsidie. Tweede knop is die van de technologie en de derde is die van het gedrag van groepen mensen. 

Rotmans richt zich in deze lezing op de sociale transitie en constateert dat we in een kantelfase zitten, in een overgang naar samenleving 3.0. In de negentiende eeuw begonnen we met het ontwikkelen en vormen van sociale instituties. De oude ordening was top-down, centralistisch en collectief: met gelijkheid binnen verschillende hokjes. Deze ordening omvatte onder meer politieke partijen, vakbonden, kerken, scholen, brancheorganisaties, woningcorporaties en de omroepen voor radio en televisie en fungeerde tientallen jaren uitstekend.  

Integrale wijkcentra voor welzijn en zorg
De samenleving van nu is veranderd. Gemeenschappen krijgen steeds meer de vorm van netwerken, de samenleving is veel horizontaler, vloeibaarder. Burgers zijn steeds kritischer en veeleisender geworden. Er komen steeds meer bewegingen en coöperaties waarin burgers met elkaar hun zaken regelen. Zorgcoöperaties bijvoorbeeld, of coöperaties voor duurzame energie. Digitalisering en nieuwe sociale media brachten deze ontwikkelingen in een stroomversnelling. ‘Ik zie een waardenomslag,’ betoogt Rotmans. ‘Van wantrouwen naar vertrouwen, van zelfredzaamheid naar samenredzaamheid, van regelzucht naar keuzevrijheid, van controle naar ruimte, van doelmatigheid naar aandacht en tijd. Burgers zijn geen onderdanen meer, maar eerder “overdanen” en de overheid verandert als het ware in een “onderheid”.’ 

Rotmans ziet in die omslag naar samenleving 3.0 drie uitdagingen voor het sociaal werk: ‘Van zorgen voor naar zorgen dat; van klassieke hulpverlening naar moderne ondersteuning; van controle naar vertrouwen.’ Hij ziet veel goede kanten in het concept van Positieve Gezondheid van Machteld Huber, dat in steeds meer gemeenten door sociaal werk en partners wordt uitgevoerd. Maar ook in de zogenoemde anderhalve lijnszorg in Maastricht, waarin huisartsen en medisch specialisten in speciale centra samenwerken. ‘Veel mensen zijn fysiek en mentaal uit balans. Gezondheid zou een integraal onderdeel van het leven moeten zijn. De zorg is verkeerd ingericht. Zorg is nu als het ware in een aparte silo geplaatst.’ Rotmans pleit voor een integrale aanpak voor zorg en welzijn, gericht op preventie, het activeren van participatie, het versterken van samenredzaamheid en op het benutten van de potenties van mensen. ‘Welzijnsorganisaties 3.0 werken samen op wijkniveau, zetten over en weer personeel in, zijn platte organisaties met zo weinig mogelijk bureaucratie. Ze staan ten dienste van wijkbewoners en er is ruimte voor experimenten.’ 

Om tot zulke nieuwe organisaties te komen, adviseert Rotmans een veranderteam op te richten met maximaal vijf koplopers. In dit team moeten zowel het management als de werkvloer vertegenwoordigd zijn. ‘Geen regiegroep, stuurgroep of projectgroep,’ waarschuwt Rotmans. ‘Die doden alle energie en zijn er om radicale plannen om zeep te helpen. Begin met die 25% die ik eerder noemde en probeer die groep te vergroten. Echte tegenstanders verlaten de organisatie als de groep voorstanders steeds groter wordt.’  

 Een impressie van de complete Voorjaarsworkshop volgt later! 

De voordelen van Verdiwel

Waarom lid worden

  • Ons adagium is: Delen & Doen!
  • Collegiale uitwisseling tijdens bijeenkomsten en op platforms.
  • Waardevolle formele én informele contacten in het hele land.
  • Verdiwel laat diversiteit floreren.
  • Verdiwel analyseert en adresseert weeffouten in sociale basis.
  • Verdiwel werkt samen met andere landelijke organisaties.
Meer informatie