terug naar overzicht

Verdiwel, fare thee well!

hg-kees-neefjes-0718-002 In Gesprek
Bevlogen beleidssecretaris Kees Neefjes blikt terug en kijkt vooruit.

 

Hij kwam bij Verdiwel binnen als Ma Flodder. Nu, 27 jaar later, neemt Kees Neefjes afscheid. Terugkijkend op een prachtige tijd als beleidssecretaris bij Verdiwel. In die kwart eeuw is er enorm veel veranderd en heel veel bereikt. Het naderende afscheid maakt hem echter niet weemoedig, hij ziet nog van alles in het verschiet. Kees ten voeten uit. We blikken samen terug…

Kees werd geboren in Grootebroek, een kleine gemeente in West-Friesland. De hele familie zat in de bollen en ook Kees stak zijn handen uit de mouwen op het land. Het was een veilig nest, waar veel werd gelachen. De kinderen hadden alle ruimte om hun eigen keuzes te maken. Kees speelde toneel en regisseerde bij het amateurtoneel. Hij had zijn zinnen gezet op de Toneelschool, maar werd helaas afgewezen. Kees pruilde even, maar koos toen voor de Pedagogische Academie. “Ik zag mezelf wel voor de klas staan. Dat heb ik drie jaar gedaan, in drie verschillende vormen van onderwijs. Maar er werd in die tijd enorm bezuinigd op het onderwijs en na elk schooljaar moest ik volgens het ‘last in, first out’-principe weer weg. Toen koos ik voor Politicologie en ging naar de universiteit.”

Schijven en toneel
Kees combineerde zijn studie met zijn werk voor het Komitee Zuid-Afrika. Hij schreef graag en veel. Samen met Emma Huismans, een Zuid-Afrikaanse schrijfster, publiceerde hij zijn eerste boek, Werken met Werkelijkheid, over apartheid. Zijn tweede publicatie was de roman De avonturen van Waldo Ritmeester. Daarna werkte hij als groepsleider in de jeugdzorg en schreef hij drie schoolboeken over teamsamenwerking in de jeugdzorg. Tegenwoordig schrijft hij boekjes voor Amsterdamse gemeenteambtenaren over deskundigheidsbevordering en over de Februari Staking. Naast schrijven bleef toneelspelen ook altijd zijn passie. Zo toerde hij met een kindertheatergroep door heel Nederland en Duitsland. Hij regisseert zijn man, cabaretier Rob Janssen. Zijn schrijf- en toneelvaardigheden lopen als een rode draad door Kees’ leven.

Ma Flodder met twee banen
“Nadat ik was afgestudeerd op Politieke Theorie werkte ik een tijd lang als journalist voor het vakblad Zorg & Welzijn. Een vriendin van me, Carla, vertelde dat ze wilde solliciteren bij Verdiwel, dat net was opgericht, maar ze kende niemand in die wereld. Ik inmiddels wel, dus ik hielp haar met de voorbereiding. Ze kreeg de baan.
Een jaar later organiseerde Verdiwel een groot congres over probleemgezinnen en Carla vroeg me of ik iemand kende die als intermediair kon optreden, tussen het publiek en de inleiders in. Het moest wel een vrouw zijn, want de meeste inleiders waren al mannen. Dus ik gaf wat namen op. Ik vertelde het aan Rob (Kees’ partner, werkt als secretariële ondersteuner bij Verdiwel – red.) tijdens het eten en hij vroeg: “Als jij het zo graag wil doen, waarom ga je dan niet als Ma Flodder?”
Nu was ik een paar weken eerder ik als Ma Flodder verkleed naar het carnaval gegaan. Dus die spullen had ik nog in huis en ik had er van genoten om me uit te geven voor een ander. Ik moest eerst lachen om Robs voorstel, maar eigenlijk vond ik het een steeds beter idee. Denk je aan Ma Flodder, dan denk je aan probleemgezinnen, nietwaar? En het gaf me de mogelijkheid om vanuit die rol scherp op te treden. De heren bestuurders bij Verdiwel krabden zich even achter de oren bij het horen van mijn voorstel, maar uiteindelijk mocht ik het doen.
Uitgerust met een blik kattenvoer (waar ik zelf een vegetarisch goedje in had gestopt) waar ik af en toe een hap uit nam, speelde ik mijn rol op het congres. Ik had een nacht wakker gelegen omdat ik bang was dat ik mijn naam in de sector te grabbel gooide. Maar het publiek lachte, ik genoot en hield er twee banen aan over.”

Een paar maanden later werd Kees namelijk gebeld met de vraag of hij Carla wilde opvolgen bij Verdiwel, zij ging voor zichzelf beginnen. Daar had Kees wel oren naar; hij besloot te solliciteren en werd aangenomen. Tineke van de Klinkenberg, dagvoorzitter op bovengenoemd congres over probleemgezinnen, was hoofdredacteur van een nieuw blad: Vitale Stad. Zij vroeg Kees of hij eindredacteur wilde worden. Dat wilde hij wel en zo had Kees in één keer twee mooie banen. Dat betaalde zich meteen uit: doordat hij zelf in de welzijnssector werkte, kon hij gemakkelijk items in het blad krijgen.

Wapenfeiten
Die eerste periode, toen Verdiwel net een jaar bestond, waren er nog maar weinig activiteiten. Je had de ALV’s met een voorzitter en een stuk of veertig leden, directeuren van grote en middelgrote organisaties. Maar gestaag groeide Verdiwel uit tot een serieuze speler in het sociale veld; 80% van de grote en middelgrote welzijnsorganisaties van Nederland was op een gegeven moment lid!

“In die jaren, zo tussen 2000 en 2008, was er nog niet zo’n strak onderscheid tussen Verdiwel en andere landelijke koepelorganisaties. Er werd veel gezamenlijk opgetrokken. Zo ontwikkelden wij met de MO Groep (nu Sociaal Werk Nederland) , Movisie, het LCGW en CMO-net de campagne Welzijn Versterkt. Daar kwamen verschillende deelcampagnes uit voort, zoals Welzijn Versterkt Zorg, Welzijn Versterkt Veiligheid en Welzijn Versterkt Burgerschap. Verdiwel was een relatief kleine club – ik deed die campagnes met alleen een secretaresse – en daardoor heel slagvaardig. Tijdens die campagnes hadden wij als eerste een congres en een publicatie klaar.
Daardoor trokken we ook de aandacht van de politiek. Toen we met de Stichting Maatschappij en Politie een groot congres organiseerden, waren daar Kamerleden en mensen van het Ministerie van VWS bij. Ook zij zagen dat Verdiwel veel voor elkaar kreeg, en snel bovendien. Dus even een paar wapenfeiten:

Bij Verdiwel hadden we geprobeerd om ‘welzijn’ zo goed mogelijk te definiëren. We kwamen bij alle pogingen uit op ‘welzijn = meedoen’. Dat is in de loop der tijd echt een begrip geworden in de welzijnssector.

De politiek zag dat wij korte lijnen hadden met onze leden en vond ons een interessante gesprekspartner. Wij vertegenwoordigden allerlei leden met allerlei meningen, terwijl de branche-organisatie één mening had. Dus als het Ministerie van VWS zijn oor eens goed te luister wilde leggen, werd er bij ons aangeklopt. Zo werd Verdiwel uitgenodigd om het over het concept ‘Welzijn Nieuwe Stijl’ te praten. Daarin werden kenmerken van effectief welzijn genoemd. Onze leden zeiden toen “Maar dit doen wij allang, wat is daar nieuwe stijl aan? Noem het dan liever aandachtspunten waarop je intensiever gaat inzetten.” Zo kwam het ministerie op de term ‘bakens’. Het draaide hier onder meer om actief burgerschap, waarbij kwetsbare burgers werden gekoppeld aan weerbare burgers. VWS had een aantal wetenschappers gevraagd om een notitie over Welzijn Nieuwe Stijl te schrijven. Of Verdiwel ook een notitie wilde schrijven? Nou, dat wilden we; binnen twee weken was het klaar! Toen staatssecretaris Jet Bussemakers tijdens een congres Welzijn Nieuwe Stijl introduceerde, herkenden wij daar heel duidelijk onze notitie in!”

“Drie bestuursleden van Verdiwel hadden het concept van de buurtbemiddeling uit de Verenigde Staten hierheen gehaald. Daarbij bemiddelen getrainde vrijwilligers bij burenruzies, volgens een bepaalde methodiek. Zij gingen dat concept hier uitwerken en uitproberen. Op een congres presenteerden ze de hoopgevende resultaten en eigenlijk hadden ze verwacht dat de kennisinstituten dat concept groter zouden willen maken. Maar nee, er was geen interesse van hun kant. Daarop vroegen die drie subsidie voor het opzetten van een Landelijk Expertisecentrum voor Buurtbemiddeling aan bij het Ministerie van Justitie. Dat kregen ze. Na drie jaar ging het centrum over naar het Ministerie. In die tijd waren er maar liefst zeventig projecten Buurtbemiddeling opgezet in heel Nederland. Ook hier zagen we weer de kracht van die korte lijnen binnen Verdiwel: ontwikkeling en implementatie in één hand.”
De laatste jaren is Verdiwel echt een beroepsvereniging geworden, met veel meer focus op strategie en leiderschap. Sociaal Werk Nederland is duidelijk de brancheorganisatie.

Fare thee well
“In 2021 hebben we een koersdiscussie gevoerd en kwamen we op het motto ‘Delen & Doen’. Daarmee is Verdiwel een koers ingeslagen die ons goed past. Helaas kwam corona daar dwars doorheen fietsen. Nu moet die koers verder  ontwikkeld worden en concreet worden gemaakt. Het is aan mijn opvolgers Monique Kuik en Roos van der Kooij om dat op te pakken; zij stappen er met de zogenoemde frisse blik in en dat is goed. Mijn doel was het altijd om de leden van Verdiwel zo veel mogelijk plezier en rendement te laten halen uit hun lidmaatschap. Nu mogen Monique en Roos daarmee verder. Ik wens hen heel veel succes en voldoening, ik heb het zelf al die 27 jaar een geweldige baan gevonden.

Ook al voelt het wat vreemd, ik kijk wel uit naar mijn afscheidsreceptie op 11 november. Juist omdat ik altijd met plezier voor Verdiwel heb gewerkt. Ik ga mijn werk en de leden en werkcontacten missen en ik hoop dat ik mag blijven schrijven. Of desnoods nog eens als Ma Flodder discussies mag leiden. Maar ik ga het wel rustiger aan doen. Voor zover ik dat kan. Verdiwel: fare thee well!”

De afscheidsreceptie van Kees is vrijdag 11 november vanaf 16:30 uur in Amersfoort. Heb je met Kees gewerkt en vind je het leuk om te komen, meld je dan hier aan.

De voordelen van Verdiwel

Waarom lid worden

  • Ons adagium is: Delen & Doen!
  • Collegiale uitwisseling tijdens bijeenkomsten en op platforms.
  • Waardevolle formele én informele contacten in het hele land.
  • Verdiwel laat diversiteit floreren.
  • Verdiwel analyseert en adresseert weeffouten in sociale basis.
  • Verdiwel werkt samen met andere landelijke organisaties.
Meer informatie